Ga naar de inhoud

Geneeskunde studeren aan de Erasmus Universiteit (Rotterdam)

Je ontwikkelt je hier tot een arts die niet alleen zorg verleent, maar ook bijdraagt aan innovatie, preventie en maatschappelijke vraagstukken rondom gezondheid.

Aan de Erasmus Universiteit Rotterdam word je opgeleid tot een breed academisch gevormde arts die maatschappelijk betrokken is en goed voorbereid op nieuwe technologische ontwikkelingen. 

Wat voor arts word je?

De opleiding in Rotterdam (Erasmusarts 2030) heeft drie met elkaar samenhangende zwaartepunten: maatschappelijke betrokkenheid, academische vorming en technologie. 

Je leert gezondheid en ziekte te benaderen vanuit een breed perspectief. Daarbij spelen niet alleen biologische factoren, maar ook sociale en omgevingsfactoren een rol. Tegelijkertijd ontwikkel je een academische houding door kritisch te denken, vragen te stellen en wetenschappelijke inzichten toe te passen in de praktijk. Technologie is hierbij een belangrijk hulpmiddel; dit gaat van data-analyse en digitale zorgtoepassingen tot innovatieve behandelmethoden.  

Je volgt een opleiding met een sterke verbinding tussen theorie en praktijk, aandacht voor de patiënt in zijn of haar context en een toekomstgerichte blik op het artsenberoep. Je wordt gestimuleerd om je te ontwikkelen tot een arts die niet alleen zorg verleent, maar ook bijdraagt aan innovatie, preventie en maatschappelijke vraagstukken rondom gezondheid. 

Welke onderwijsvormen zijn er?

Binnen Erasmusarts 2030 ben je actief betrokken bij je leerproces en leer je kennis toe te passen in realistische situaties. Een centrale onderwijsvorm is het casus-gestuurd onderwijs (CGO). Hierbij worden medische kennis, onderliggende (patho-)fysiologische mechanismen en maatschappelijke en technologische aspecten geïntegreerd behandeld. 

Daarnaast krijg je projectonderwijs (PO). Studenten werken dan aan thema’s die vaak een bredere maatschappelijke en technologische context hebben Je verzamelt zelfstandig informatie, werkt samen en presenteert jullie bevindingen. 

Jouw persoonlijke en professionele ontwikkeling krijgt vorm binnen het programma Vorming Identiteit en Professionaliteit (VIP). Je reflecteert op je ontwikkeling, krijgt begeleiding van coaches en leert bewust vorm te geven aan jouw toekomstige rol als arts.  

Verder oefen je klinische en communicatieve vaardigheden. Dat doe je binnen het uitgebreide vaardigheidsonderwijs (VOW). Dankzij dit onderwijs ben je goed voorbereid op contact met echte patiënten. 

De opleiding maakt gebruik van programmatisch toetsen. Dat betekent dat er niet één bepalend moment is, maar dat je gedurende de opleiding meerdere vormen van feedback en beoordelingen verzamelt. Zo ontstaat een rijker beeld van jouw ontwikkeling. Dit ondersteunt je leerproces. 

Door deze combinatie van onderwijsvormen is er een leeromgeving waarin je actief leert, kennis integreert en je ontwikkelt tot zelfstandige professional. 

Hoe is de bachelor opgebouwd?

In de bachelorfase bouw je stevige basiskennis op en ontwikkel je academische en professionele vaardigheden. Je verdiept je in de werking van het menselijk lichaam, ziekteprocessen en behandelprincipes. Vanaf het begin krijg je kennis geïntegreerd aangeboden via de genoemde onderwijsvormen, zoals CGO, PO en VIP. In het derde jaar van de bachelor is er ruimte voor een verbredende minor. 

Hoe is de master opgebouwd?

Tijdens de masterfase leer je vooral in de praktijk. Je loopt coschappen in verschillende disciplines en zorgsettings, zowel binnen als buiten het ziekenhuis. Daar ga je een steeds actievere rol innemen. Je leert verantwoordelijkheid te dragen voor patiëntenzorg, samen te werken in teams en klinische beslissingen te nemen.  

Uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek is een ander belangrijk onderdeel van de master. Je leert een onderzoeksvraag te formuleren, gegevens te analyseren en resultaten kritisch te interpreteren. Hiermee versterk jij je academische vaardigheden.  

Door de combinatie van praktijkervaring en onderzoek word je voorbereid op een breed scala aan vervolgopleidingen en functies.

Hoe verloopt de toelatingsprocedure?

De bacheloropleiding Geneeskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam is een numerus fixus-opleiding en kent een decentrale selectieprocedure.  

Een belangrijk onderdeel van de selectie is matching. Het doel hiervan is dat je als kandidaat een goed beeld krijgt van de opleiding en dat de opleiding goed inzicht krijgt in de geschiktheid en motivatie van de kandidaten. Dit gebeurt onder andere via een verplichte e-module. Daarin maken kandidaten kennis met realistische situaties uit de studie en het beroep van arts. Deze module is niet bedoeld om kandidaten te beoordelen, maar helpt je om een weloverwogen studiekeuze te maken.  

Daarnaast voer je als kandidaat een voorbereidingsopdracht uit waarin je kennismaakt met het onderwijsconcept (zoals CGO). Net als de e-module wordt deze opdracht niet beoordeeld, maar het is wel een verplicht onderdeel van de selectieprocedure. 

De selectie omvat verder een selectiedag. Tijdens deze dag maken kandidaten verschillende toetsen. Hierbij wordt gekeken naar onder andere je cognitieve vaardigheden en aansluiting bij de inhoud en onderwijsaanpak van de opleiding. 

De uiteindelijke plaatsing van studenten wordt bepaald op basis van de uitkomsten van deze selectiedag. De eerste 200 kandidaten worden rechtstreeks geplaatst op basis van hun prestaties De overige plaatsen worden toegewezen op basis van een combinatie van de selectiedag en een expliciet gewogen loting. De procedure is erop gericht kandidaten te selecteren die passen bij zowel de inhoud als de onderwijsvisie van de opleiding. Daarbij is er aandacht voor een diverse instroom: studenten met verschillende talenten en achtergronden. 

Met deze selectieprocedure streven we ernaar studenten aan te trekken die passen bij de visie van Erasmusarts 2030: toekomstige artsen die zich willen ontwikkelen tot maatschappelijk betrokken, academisch gevormde en technologisch vaardige artsen.  

Meer weten?